NNOAL: Het gebruik van video in het onderwijs!

Afgelopen maand was er een zeer interessante bijeenkomst van het NNOAL. In deze bijeenkomst presenteerde Harry Gankema van KPC Groep zijn visie op het gebruik van video bij het leren.

Op dit moment ben ik mijn presentatie voor het Consortium voor Innovatie aan het voorbereiden: Just do IT inspiratie – voorbeelden voor de leraar 2.0

Presentatie: Just do IT inspiratie - voorbeelden voor de leraar 2.0

In mijn presentatie komt het gebruik van video drie maal aanbod in onderwerp 1, 2 en 3. Helaas kon ik echter niet aanwezig zijn bij deze bijeenkomst, echter heeft ons metaforum de beschikking over Presentations2Go en zo kan ik achteraf de presentaties alsnog bekijken op onze server.

Wat mij betreft meteen een van de voordelen van het gebruik van video in het onderwijs te pakken. Just-in-time kan de video bekeken worden, zoals ik nu doe.

Uit de presentatie haal ik voor mezelf de volgende zaken:

Hersenen niet gemaakt om tekst te onthouden, maar wel om beelden te onthouden. Onze hersenen kan slechts een beperkt aantal tekst onthouden, terwijl er grote aantallen video onthouden kan worden.

In de presentatie geeft Harry Gankema het voorbeeld van het onthouden van zijn telefoonnummer en zijn gezicht. Dat laatste is veel makkelijker te reproduceren.

Interessant en herkenbaar is het voorbeeld van zijn zonen waarbij ze door het spelen van World of Warcraft als bijproduct Engels geleerd hebben en een blind hebben leren typen op hoge snelheid. Dit merk ik bij mijn eigen zoon en dochter bij het gebruik van de pc eveneens.

In zijn presentatie simplificeert Harry Gankema de hersenen als zijnde een input-, verwerkings- en outputeenheid. Als onderwijs heb je alleen invloed op de inputeenheid. En (mijn eigen gedachte) gebruik je de outputeenheid om te meten of de input juist verwerkt is.

De volgende mentale systemen zijn aanwezig binnen de hersenen:

  1. handelingspatronen verbeteren – het uitvoeren van bepaalde handelingen en deze verbeteren. In de hersenen zie je de synapsen dan dikker worden, oftewel: de verbindingen tussen onderdelen worden dikker. Dit gebeurt ‘s nachts tijdens het slapen. Het geoefende wordt verwerkt. Vandaar dat slapen zo belangrijk is.
  2. zintuigelijke patronen betekenis geven – het gebruiken van ervaringen om slimmer met de omgeving om te kunnen gaan.
  3. gevoelde betekenis verwoorden, woorden verinnerlijken – uitdrukken van datgene wat je weet in taal, zodat je met anderen kunt communiceren.
  4. Kennis verwerven voor het gebruik in een sociale context – het leren afstemmen op anderen.

Interessant zijn de opmerkingen van Harry Gankema dat het leren als baby tot volwassene van 1, via 2 en 3 naar uiteindelijk 4 gaat. Terwijl het onderwijs precies andersom werkt: via taal in een sociale context wordt kennis overgebracht om uiteindelijk te kijken of iemands handelen daadwerkelijk veranderd is. Hierbij functioneert 3: de taal als brug tussen hetgeen in de sociale context ervaren wordt (in 4) uiteindelijk te internaliseren (in 2).

Mentale systemen in de hersenen (Bron: Harry Gankema, KPC Groep)

Bij video, maar ook gaming en simulatie is er een directe relatie tussen 4 en 2 die een krachtige invloed heeft op het leren.

[ad#reclame]

In zijn betoog geeft Harry Gankema aan dat bij de huidige manier van totstandkoming van onderwijs alles gebaseerd is op het boek-tijdperk, oftewel: leerdoelen vanuit kennis geformuleerd. Terwijl ze geformuleerd zouden moeten worden op de 4 genoemde niveau’s: welke routines moeten aangeleerd worden, welke inzichten, welke kennis en wat wordt verwacht in de sociale context.

In zijn verhaal geeft Harry Gankema het voorbeeld van augmented reality waarbij hij het volgende stelt:

Afkijken is een hoge vorm van leren.

Tevens laat hij een voorbeeld zien van een videoinstructie waarbij geleerd wordt hoe je een batterij van een iPod kunt vervangen. Dit werkt en geeft je het gevoel dat je het zelf kunt, terwijl bij een handleiding met een schema en tekst waarin de stappen uitgelegd worden je toch een onveilig gevoel krijgt of dat wel goed gaat. Oftewel:

Video communiceert rechtstreeks met het brein, het boek heeft er een omweg voor nodig.

Uiteraard zijn er diverse nuances aan te brengen op deze stelling, toch is het merendeel van het publiek hiermee eens. In ieder geval heeft Harry Gankema een goede onderbouwing gegeven van deze stelling op basis van de 4 genoemde mentale systemen.