Wat doen jongeren op internet en hoe verslavend is dit?

Wat doen jongeren op het internet en hoe verslavend is dit?

Wat doen jongeren op het internet en hoe verslavend is dit?

Wederom een interessante bron die ik moet (wil 8-)) lezen voor de Leergang TEL van het Koning Willem I College: “Wat doen jongeren op internet en hoe verslavend is dit?” van het IVO.

Het rapport start met de schets dat het internet nu na een periode van angst en onzekerheid over het vereenzamende effect van het internet de Nederlandse jongeren het internet vooral gebruiken voor sociale activiteiten. Tot voor kort van TV de voornaamste mediabezigheid van jongeren. En TV is niet sociaal. De bezigheden variëren van samen gamen, chatten en e-mailen tot hyven en twitteren.

Een van de risico’s van het gebruik van het internet is dat het verslavend zou kunnen zijn, oftewel: andere delen van het leven ondervinden schade van het internetten. In het rapport wordt de volgende definitie gehanteerd: “Compulsief internetgebruikende jongeren hebben moeite om te stoppen met internetten, zijn continu met internet bezig, ook als ze niet achter de computer zitten, en voelen zich slecht als ze lang niet kunnen internetten.”

Eerder onderzoek liet zien dat 3 tot 4% van de jongeren internetverslaafd zijn, en deze er psychologisch en sociaal slechter aan toe zijn. In dit onderzoek ligt de focus op het achterhalen van hoeveel tijd jongeren met welke internetapplicatie bezig zijn, en wat is hierin de tendes tussen 2006 en 2009?  Hoeveel procent is internetverslaafd en wat is hierin de tendes? en Welke internetapplicaties zijn het meest verslavend?

De conclusies van het rapport zijn:

  1. Het internetgebruik onder jongeren neemt sterk toe naar nu gemiddeld 15 uur/week. Jongens internetten iets meer dan meisjes. Jongeren uit hogere klassen internetten meer dan jongeren uit lagere klassen.Opvallen is dat jongeren op het VMBO 8 uur meer internetten dan jongeren op het VWO/HAVO. Dit zou te maken kunnen hebben met de minder aanwezige financiën voor andere duurdere activiteiten.
  2. De verschillende internetapplicaties die jongeren gebruiken kan men grofweg indelen in 1. zoeken naar informatie, en 2. sociale activiteiten. Waarbij profielsites (zoals Hyves) enorm in gebruik gestegen zijn. 80% van de jongeren heeft een profielsite. Ook het gebruik van online Poker of gok-achtige sites neemt toe (10% van de jongeren).
  3. Het aantal internetverslaven blijft stabiel door de jaren heen: 4%. Vooral jongeren op het VMBO hebben een hogere kans op internetverslaving. Mogelijk doordat ze meer tijd besteden, minder financiën voorhanden zijn voor andere activiteiten of meer verslavingsgevoel zijn.
  4. Online gamen lijkt de sterkte voorspeller te zijn van internetverslaving. Daarnaast profielsites en MSN-en. Geopperd wordt om in de toekomst de term internetverlaving te nuanceren naar: compulsief online gamen en compulsief online communiceren.

Hoe digibewust bent u?

Mijn Digitale Wereld

Mijn Digitale Wereld

Via de Leergang TEL van het Koning Willem I College kwam ik op het spoort van een checklist over downloaden: wat mag wel? en wat mag niet?. Deze checklist zou op digibewust.nl staan, echter werd ik  doorgestuurd naar de site Mijn Digitale Wereld.

De site bevat een schat aan informatie over mediawijsheid dat makkelijk gevonden kan worden via een zoekfunctie, maar ook gegroepeerd is in diverse onderwerpen.

Erg mooi is de folder: “Hoe digibewust bent u?” waarom een zelftest te vinden is, maar ook voor de volgende onderwerpen kort en bondig verteld wordt wat wel/niet mag of waar je op moet letten om veilig op internet te vertoeven: je eigen pc, chatten, e-mailen, surfen, downloaden en delen, online kopen en verkopen, online betalen, online bankieren, gamen en mobiel bellen.

De website is een initiatief van de Nederlandse overheid, bedrijfsleven en diverse maatschappelijke organisaties. Wat mij betreft erg mooi materiaal dat zeker in de lessen mediawijsheid te verwerken is.

Instructievideo's gewaardeerd door studenten

Via Jan Jacobs werd ik geattendeerd op het onderzoek van kennisnet waarin men onderzocht heeft wat de didactische meerwaarde van de beschikbaarheid van instructievideo’s op mobiele telefoons/devices is tijdens de stage. Onderstaande video geeft een goed beeld van het onderzoek en de uitkomsten:

Samengevat:

  • het concept instructievideo’s op een mobiel wordt door studenten, docenten en stagebegeleiders goed gewaardeerd;
  • studenten spreekt de uitleg via beelden aan;
  • de video’s werden vooral vooraf en achteraf bekeken en niet tijdens de stage zelf, want het blijkt bijvoorbeeld niet praktisch te zijn om tijdens het verzorgen van een schaap ook je mobiel erbij te pakken;
  • het bespaart de stagebegeleiders tijd, omdat men minder uitleg hoeft te geven;
  • studenten zijn niet bereid om de video’s op hun eigen mobiele telefoon te bekijken.